ألف جملة هولنديّة

المواعيد

Afspraken

الحجز والتأجيل والاعتذار، والمكالمة الهاتفيّة التي تقف قبل كلّ ذلك.

الضغط على الجملة الهولنديّة يُشغّل صوتها.

سرعة الاستماع

هذا يبطّئ سرعة النطق، فتتمكن من سماع الأصوات داخل الكلمات بوضوح أكبر. أما زر «بطيء» فيشغّل تسجيلًا آخر يحتوي على فواصل قصيرة بين الكلمات، لتتمكن من سماع حدود كل كلمة بوضوح.

كلّ جمل الموضوع أمامك، مع الترجمة والشرح.

Goedemorgen, u spreekt met Fatima Haddad.

Bel ik gelegen?

Een moment, alstublieft.

Kunt u iets langzamer praten?

Ik versta u niet goed door de telefoon.

Kunt u dat spellen?

Ik schrijf het op.

Kunt u dat herhalen? Ik heb het niet gehoord.

Mag ik uw naam nog een keer?

Met wie spreek ik?

Kunt u mij terugbellen?

Mijn nummer is nul zes, en dan acht cijfers.

Ik hoor u bijna niet.

De verbinding is slecht.

Ik bel zo terug.

Kan ik dit ook per e-mail doen?

Ik wil graag een afspraak maken voor volgende week.

Wanneer heeft u plaats?

Heeft u iets eerder?

Heeft u iets later op de dag?

Kan het ook in de avond?

Dinsdag komt mij goed uit.

Dat past niet, ik werk dan.

Ik moet het eerst met mijn man overleggen.

Mag ik u morgen laten weten?

Hoe lang duurt de afspraak?

Wat moet ik meenemen?

Waar moet ik zijn?

Op welke verdieping is dat?

Krijg ik een bevestiging?

Ik wil de afspraak verplaatsen.

Er is iets tussengekomen.

Ik moet de afspraak helaas afzeggen.

Hoeveel dagen van tevoren moet ik afzeggen?

Moet ik dan betalen?

Kan ik een nieuwe afspraak maken?

Mijn kind is ziek geworden.

Ik heb mij vergist in de dag.

Ik dacht dat het volgende week was.

Het spijt me voor het ongemak.

Ik ben onderweg maar ik sta in de file.

Ik ben tien minuten te laat.

Kan ik nog komen?

Wacht u nog op mij?

Sorry dat u heeft moeten wachten.

Ik ben te vroeg. Zal ik buiten wachten?

Ik heb een afspraak om tien uur.

Ik ben er voor mevrouw De Vries.

Moet ik mij ergens melden?

Moet ik een nummer trekken?

Is dit de goede wachtkamer?

Hoe lang moet ik nog wachten?

Ik wacht al een half uur.

Ik moet om twaalf uur weer weg.

Zullen wij iets afspreken?

Wanneer past het jou?

Ik kijk even in mijn agenda.

Volgende week donderdag kan ik.

Zullen we zeggen om drie uur?

Prima, dan zie ik je dan.

Ik zet het in mijn agenda.

Zal ik het bevestigen per bericht?

Ik kan die dag toch niet.

Laten wij het verzetten naar volgende week.

Ik sta in de wacht.

Ik wacht al twintig minuten aan de telefoon.

Het keuzemenu is te snel voor mij.

Kan ik een mens spreken?

Ik werd doorverbonden en toen verbroken.

Ik bel over een brief met kenmerk zeven drie.

Heeft u mijn dossier voor u?

Kunt u een notitie maken in mijn dossier?

Wat is de volgende stap?

Wanneer hoor ik weer van u?

Als ik niets hoor, bel ik volgende week.

Dank u wel voor uw geduld.

Fijne dag verder.

Ik heb het genoteerd.

Dan is dat afgesproken.

Ik stuur u een bevestiging per mail.

Tot ziens en bedankt.

Tot dan!