ألف جملة هولنديّة

العائلة

Familie

أن تتحدّث عن أهلك وعن نفسك، وأن تجيب باختصار حين لا تريد أن تحكي كلّ شيء.

الضغط على الجملة الهولنديّة يُشغّل صوتها.

سرعة الاستماع

هذا يبطّئ سرعة النطق، فتتمكن من سماع الأصوات داخل الكلمات بوضوح أكبر. أما زر «بطيء» فيشغّل تسجيلًا آخر يحتوي على فواصل قصيرة بين الكلمات، لتتمكن من سماع حدود كل كلمة بوضوح.

كلّ جمل الموضوع أمامك، مع الترجمة والشرح.

Ik kom uit Syrië.

Ik woon sinds twee jaar in Nederland.

Ik ben hier sinds januari.

Ik ben achtendertig jaar.

Ik ben getrouwd.

Ik ben alleen.

Ik woon hier met mijn gezin.

Mijn familie woont nog in Syrië.

Ik ben hier alleen gekomen.

Dat is een lang verhaal.

Daar wil ik liever niet over praten.

Misschien een andere keer.

Ik heb drie kinderen.

Ik heb geen kinderen.

Mijn zoon is negen en mijn dochter is vier.

Hoe oud zijn uw kinderen?

Zij gaan allebei naar school.

De kleinste gaat nog niet naar school.

Zij spreken al beter Nederlands dan ik.

Thuis spreken wij Arabisch.

Ik wil dat zij hun taal niet vergeten.

Mijn zoon helpt mij met de brieven.

Mijn vrouw werkt in een ziekenhuis.

Mijn man zoekt nog werk.

Wij volgen allebei een cursus.

Zij komt volgende maand naar Nederland.

Wij wachten op een beslissing.

Het duurt lang.

Wij hopen dat het snel goed komt.

Ik heb twee broers en een zus.

Mijn moeder is oud en ziek.

Mijn vader is overleden.

Ik bel elke week met mijn moeder.

Ik mis mijn familie.

Mijn broer woont in Duitsland.

Wij zien elkaar bijna nooit.

Zij kunnen niet hierheen komen.

Ik ben de oudste thuis.

Wij eten meestal samen.

Ik kook elke dag.

Mijn man brengt de kinderen naar school.

In het weekend gaan wij naar het park.

Wij hebben nog niet veel mensen leren kennen.

Wij willen graag mensen leren kennen.

Komt u een keer langs?

U bent welkom bij ons.

Hoe gaat het met u?

Het gaat wel.

Het gaat goed, dank u.

Een beetje moe, maar goed.

En met u?

Wat doet u voor werk?

Hoelang bent u al in Nederland?

Bevalt het u hier?

Het went langzaam.

Het weer is een beetje moeilijk.

Ik ben blij dat wij hier veilig zijn.

Soms is het zwaar.

Ik maak mij zorgen over mijn moeder.

Ik slaap slecht de laatste tijd.

Ik voel mij hier nog niet thuis.

Praten helpt.

Ik wil graag met iemand praten.

Is dat vertrouwelijk?

Gefeliciteerd!

Wij hebben een baby gekregen.

Wanneer is jouw verjaardag?

Wij vieren morgen een feest.

Wij hebben een moeilijke tijd gehad.

Bedankt dat u aan ons dacht.

Wij hebben elkaar hier leren kennen.

Mijn zoon is in Nederland geboren.

Hij is nu tien maanden oud.

Wij zoeken kinderopvang.

Mijn moeder past soms op.

Wij delen het werk thuis.

Ik breng ze en mijn man haalt ze.

Wij hebben het druk maar het gaat.

Mijn dochter wil dokter worden.

Ik ben trots op hen.

Wij bellen elke vrijdag met de familie.

Doe de groeten aan uw vrouw.