المجتمع الهولنديّ
Samenleving
العادات والقواعد غير المكتوبة: ما يُتوقّع منك، وكيف ترفض من غير أن يُساء فهمك.
الضغط على الجملة الهولنديّة يُشغّل صوتها.
هذا يبطّئ سرعة النطق، فتتمكن من سماع الأصوات داخل الكلمات بوضوح أكبر. أما زر «بطيء» فيشغّل تسجيلًا آخر يحتوي على فواصل قصيرة بين الكلمات، لتتمكن من سماع حدود كل كلمة بوضوح.
كلّ جمل الموضوع أمامك، مع الترجمة والشرح.
Hoe laat wordt van mij verwacht?
Is het erg als ik vijf minuten later ben?
Bij ons komt men later.
Hier is op tijd echt op tijd.
Ik ben liever te vroeg dan te laat.
Mag ik zomaar langskomen?
Moet ik van tevoren bellen?
Hoe lang blijft men meestal?
Nee, dat komt mij niet uit.
Ik zeg liever meteen nee.
Bij ons zeggen wij misschien.
Hier wordt misschien gehoord als nee.
Ik weet het nog niet zeker.
Ik laat het je woensdag weten.
Bedankt voor de uitnodiging, maar het lukt niet.
Hoeft u zich niet te verontschuldigen.
Een duidelijk antwoord helpt hen.
Mag ik eerlijk zijn?
Ik zeg het maar gewoon.
Dat was niet onaardig bedoeld.
Zo bedoelde ik het niet.
Vond u dat vervelend?
Zeg het gerust als iets niet goed gaat.
Ik hoor het liever meteen.
In mijn taal klinkt dat anders.
Moet ik iets meenemen?
Bloemen zijn altijd goed.
Ik lust dat niet, maar bedankt.
Ik eet geen vlees dat niet halal is.
Ik heb al gegeten, dank u.
Een glaasje water is genoeg.
Mag ik helpen met opruimen?
Bedankt voor de gezellige avond.
Wanneer is het tijd om te gaan?
Gefeliciteerd met de verjaardag van uw zoon.
Wanneer moet ik feliciteren?
Ik wist niet dat dat hier zo gaat.
Wat is een verjaardagskring?
Is het gebruikelijk om een cadeau te geven?
Wij vieren dat niet, maar van harte gefeliciteerd.
Ik vast deze maand.
Ik eet en drink overdag niet.
Morgen is een feestdag voor ons.
Mag ik die dag vrij nemen?
Wat zijn hier de regels?
Mag dat hier?
Ik wil niemand tot last zijn.
Wij wachten hier op onze beurt.
U was eerder dan ik.
Fietsers gaan hier voor.
Afval hoort in de bak.
Hier mag je niet roken.
Honden moeten aan de lijn.
Na tien uur is het stil in de flat.
Ik wil graag vrijwilligerswerk doen.
Waar kan ik andere mensen ontmoeten?
Is er een buurthuis in de wijk?
Kan ik Nederlands oefenen met iemand?
Ik ben lid van de bibliotheek.
Mijn kinderen doen mee met sport.
Ik ken de buren nu beter.
Ik voel mij hier steeds meer thuis.
Ik denk dat er een misverstand is.
Kunnen wij er rustig over praten?
Ik wilde u niet beledigen.
Dat wist ik niet, dank u dat u het zegt.
Hoe zou u het zeggen?
Ik leer het nog.
Verbeter mij gerust.
Discriminatie mag hier niet.
Bij wie kan ik dat melden?
Mannen en vrouwen hebben dezelfde rechten.
Kinderen moeten naar school tot hun achttiende.
Geweld thuis is hier strafbaar.
Waar kan iemand hulp krijgen?
Ik wil weten wat mijn rechten zijn.
Mag ik mijn geloof hier vrij beleven?
Waar is de dichtstbijzijnde moskee?
Is er hier een gebedsruimte?
Iedereen is hier gelijk voor de wet.